Lof voor Lulu en Lou

doorMichel K.

We schrijven 1973. Een nieuwe plaat van Lou Reed komt uit. Berlin. De eerste recensies waren allesbehalve lovend. Sterker nog, de plaat werd door sommige recensenten bijkans bij het oud vuil gezet. Een citaat uit de recensie in Rolling Stone: “There are certain records that are so patently offensive that one wishes to take some kind of physical vengeance on the artists that perpetrate them. Reed’s only excuse for this kind of performance … can only be that this was his last shot at a once -promising career.” Lou Reed zou na Berlin nog vele platen maken, de ene beter dan de andere, maar zijn carrière was allesbehalve besloten met Berlin zoals de recensie suggereerde. Ik sta niet alleen in mijn oordeel dat Berlin een van de beste platen is van Reed, een van de beste platen van de jaren’70, een inspiratiebron voor menig muzikant, een klassieker.

Terug naar 2011. Lou Reed brengt een nieuwe plaat uit. Een collaboratie met Metallica. De plaat heet Lulu. En de geschiedenis lijkt zich te herhalen. Het recensentendom is vrijwel eensgezind in hun vernietigende oordeel: Lulu is lachwekkend, humorloos, beschamend, lelijk, oppervlakkig, een ijdel hobbyproject van arrogante oude knarren, een rampzalige combinatie van botsende stijlen, een plaat die thuis hoort in het canon van spectaculaire muzikale flops.

Recensent Jan Vollaard van de NRC maakt het al helemaal bont: “Lulu verdient een plaats in het Guinness Book of Records als het slechtste rockalbum ooit.” Tja. Daar gaat Vollaard al gelijk de mist van in. Want Lulu is geen rockalbum.  Is Lulu een plaat in de traditie van klassieke rockalbums als Exile on Main Street, Led Zeppelin IV of voor mijn part de debuutplaat van Van Halen? Neen. Als Vollaard zich echt zou hebben ingespannen om Lulu te doorgronden, had hij toch tot de conclusie moeten komen dat Lulu geen exercitie is in spierballenrock of metal machine music, ook al verzorgt de ultieme metalband Metallica  de muzikale omlijsting.

Een plaat als Reed’s eigen Berlin is mijns inziens een veel beter referentiepunt, een album die ik ook niet zou karakteriseren als ‘rock’. Lou Reed kan zeker rocken als het nodig is, maar zijn insteek is vaak een andere. Reed is een verteller van korte verhalen gemaskeerd als liedjes. Berlin is in zekere zin meer een muzikale novelle dan een rockalbum. Met Lulu tracht hij eveneens een verhaal te vertellen. Deze keer betreft het echter niet een verhaal van eigen hand, maar een interpretatie van de toneelstukken van Frank Wedekind over de danseres Lulu en haar sexuele escapades, waarbij Wedekind niet schuwde de donkere kanten van sexualiteit over het voetlicht te brengen. Reed neemt als Lulu ook bepaald geen blad voor de mond. Luisteren naar Lulu is als het lezen van een decadente roman ten tijde van het fin de siècle. Het is niet voor iedereen, dat is zeker. De obsessie met geweld, de aanbidding van het irrationele, de perversiteit, de verwording, de alom aanwezige dood. Je houdt ervan, of je rent walgend de kamer uit. De redactie van Crepuscult lust er echter wel pap van!

Waarmee ik overigens niet de indruk wel wekken dat Lulu een en al grand guignol exces is. Lulu gaat ook over wanhoop, frustratie, angst. Het album is vol van ‘dread’. Een track heet dan ook toepasselijk Misstress Dread. Deze duistere spanning wordt voortreffelijk vastgehouden door Lou Reed en de mannen van Metallica tot aan het laatste nummer, Junior Dad, het moment dat de spanning wegzakt en zowaar een ‘state of grace’ wordt bezongen in een verrassend weelderig muzikaal warm bad.

Lulu is dus net zo goed een spoken words-album als een rockplaat.  Niet een plaat die je wil opzetten om te headbangen. Metallica schroeft zo nu en dan vertrouwd het volume en het tempo op, maar nimmer heb je het gevoel te luisteren naar metalmuziek. Gitaarsolo’s zijn nauwelijks te horen. Metallica stelt zich nadrukkelijk bescheiden op als begeleidingsband van Lou Reed. Iets wat fans van Metallica allicht moeilijk kunnen behappen. En menige recensent die geen kaas kan maken van deze ongebruikelijke muzikale kruisbestuiving. Het bevreemdt me dat niet meer mensen enthousiast worden van het horen van de roestige stem van Reed tegen een achtergrond van metalige klanken. Wat in mijn oren klinkt als een verrassende opwindende en fascinerende muzikale onderneming van gearriveerde muzikanten die hun nek durven uit te steken. Maar oordeelt u zelf! Listen without prejudice, om George Michael maar eens aan te halen. Echt, Lulu is niet de slechtste plaat ooit. Neem dat toch maar van mij aan. Ik luister er juist met veel plezier naar, hoe gek dat ook klinkt. U ook?