Door de sterrenpoort in wandeltempo

doorMichel K.

Heeft u ook zo’n hekel aan het lied Music van John Miles? U weet wel, het protserige popmusical nummer dat begint met de ietwat potsierlijke verklaring: Music was my first love / And it wil be my last. Jakkes. Maar toch… Toch moet ik bekennen dat het sentiment van Music mij niet vreemd is. Leven zonder muziek. Het is niet voor te stellen. Precies zoals John Miles het bezingt. Een rijkdom aan muziek, van Bach tot Belle & Sebastian, geeft mijn leven onmiskenbaar cachet. Meer dan dat zelfs. De muziek waar ik graag naar luister en luisterde, is de compilatie van de soundtrack van mijn leven. Vertel me welke muziek u mooi vind, en ik vertel u wie u bent. Psychologie van de koude grond wellicht, maar als ik voor mijzelf spreek, weet ik dat het zo is. Muziek maakt me vrolijk, geeft me troost en energie, laat me in ontzag achter, of brengt mij tot tranen, van verdriet of ontroering.

De afgelopen maanden waren niet de beste maanden in mijn leven. Ik voelde mij bij tijd en wijle ongelukkiger dan het somberste personage uit de somberste Ingmar Bergman film denkbaar. Dit klinkt enigszins gratuit, maar het was echt zo. Althans zo voelde ik me. Een van de meest voelbare effecten van deze somberheid, was dat ik bepaalde muziek niet meer kon aanhoren. Dierbare muziek die mij opeens koud liet. Muziek waardoor ik me zelfs slecht ging voelen. Een akelige gewaarwording. In de aanloop naar de zwartste periode – een depressieve episode -  luisterde ik vrijwel uitsluitend naar muziek waarin ik mijn wanhoop hoorde resoneren. Grafmuziek in de oren van velen. Voor mij was het muziek waarin ik herkenning en zelfs erkenning vond. Dat het leven geen pretje is. En dat je niet alleen bent in dat gevoelen. In die benauwende kelder van mijn geest, blaast Johnny Lydon en zijn onvolprezen band Public Image Limited uit de speakers. P.I.L. What’s in a name. Lydon’s nihilistische sneren over het démasque dat het leven soms is, hadden (tijdelijk) een zalvende uitwerking op mijn gemoed. Een pleister op de wonde door, gek genoeg, de wonde van het leven uit te schreeuwen. Is this living?

En toen kwam het zelfs zover dat ook PIL niet meer werkte, omdat ik vrijwel geen geluid meer kon verdragen. Het opdringende geluid van de voortrazende wereld achter permanent gesloten gordijnen. Schelle, schrille stemmen op straat. De bonkende bassen van tot boem-boem disco’s omgetoverde auto’s. De straatmuzikanten bij mij op de stoep, in mijn beleving speciaal ingehuurd om mij urenlang te martelen met smartelijke muziek. Binnenskamers de huiver en terreur als de telefoon hardvochtig rinkelde. Pas tot ik mij terugvond in een kamertje in een kliniek merkte ik dat het gekwetter van vogels mij vertederde, dat ik toch nog kon genieten van geluiden, zij het nog niet van geluiden die evocaties zijn van menselijke emoties. Het voorzichtig kunnen genieten van muziek heeft nog enige tijd nodig gehad.  Maar gelukkig begon ik geleidelijk weer te genieten van muziek, naarmate mijn herstel langzaam maar zeker inzette.  Nu ik eindelijk weer in staat ben te schrijven voor dit weblog, geniet ik ook weer volop van muziek. Een groot onuitsprekelijk genoegen.

Morton Feldman

En het mooiste van deze revival is nog dat ik zelfs in staat ben te genieten van nieuwe muzikale ontdekkingen. Iets wat ik enige maanden geleden niet voor mogelijk had gehouden. Nooit gedacht weer muziek te ontdekken die mij positief zou verrassen, nieuwsgierig maken, zelfs inspireren. Die inspiratie is momenteel de muziek van Morton Feldman. Het is moeilijk te omschrijven waarom deze muziek mij raakt. Het gezang van vogels is niet met het palet van menselijke emoties te beschrijven. Hetzelfde gaat op voor de impact van de muziek van Feldman. Zijn stilte-composities ademen geen vreugde, woede, euforie, verlangen, etc. De muziek ademt louter leven. De benaderingswijze van Feldman is als een schilder die laagje voor laagje, penseelstreek voor penseelstreek, een tot leven komende abstractie schildert. Niet voor niets wordt Feldman geassocieerd met vertegenwoordigers van het abstract expressionisme als Jackson Pollock, Philip Guston en Mark Rothko. Voor Guston componeerde Feldman het opus For Philip Guston. En Rothko was de inspiratie voor Rothko Chapel.

Ik beheers mij nu in mijn enthousiasme meer te vertellen over Morton Feldman. Ik raad u vooral aan naar deze muziek te luisteren. Wellicht ervaart u dan wat ik bedoel te verwoorden. Wel nog dit. Over de impact van muziek: Het ervaren van het String Quartet (1979) dit paasweekend, was alsof ik de fabelachtige stargate sequentie uit Stanley Kubrick’s  film 2001: A Space Oddyssey beleefde, een auditieve louterende tocht door de sterrenpoort, maar dan in een weldadig rustig wandeltempo. Hoorbaar in de muziek is het onzegbare.

En oh John Miles, mocht je mij opsporen via google…Vergeef  mij voor de laatdunkende uithalen in de inleiding! Jouw muziek vind ik niet mooi. Maar je hebt gelijk. In this world of trouble, (my) music pulls me through.

 

 

http://www.youtube.com/watch?v=vsxb7pfXL-o